Voor Sarah Lamrini draait ramadan om veel meer dan alleen vasten.
“Ramadan is voor mij een periode van bezinning en dichter bij God komen. Het gaat niet alleen om niet eten en drinken, maar juist om bewust leven. Meer geduld hebben, extra bidden en nadenken: hoe kan ik een beter mens worden?”
Die periode staat voor haar in het teken van rust, reflectie en dankbaarheid.
“Je staat stil bij wat je hebt. Zeker in deze tijd, waarin er mensen zijn die helemaal niks hebben. Dat besef maakt je dankbaar.”
Het moment waarop alles samenkomt, is voor haar het meest bijzonder.
“Het verbreken van het vasten bij zonsondergang. Dat doe je samen met familie of vrienden. Het geeft rust, maar ook een sterk gevoel van verbondenheid.”
Ook in combinatie met studie en stage vraagt ramadan soms wat extra van haar, maar ze vindt daarin haar weg.
“Ik probeer mijn energie goed te verdelen. Belangrijke taken plan ik eerder op de dag. En ik zorg voor voldoende rust en structuur. Als ik mezelf eraan herinner waarom ik vast, geeft dat kracht.”
Wat ze hoopt dat anderen beter begrijpen?
“Dat ramadan niet alleen gaat over niet eten en drinken. Dat is eigenlijk het minst belangrijke. Het gaat juist over spiritualiteit, zelfdiscipline en omkijken naar anderen.”
Wat ze waardeert in haar omgeving, zit vaak in kleine dingen.
“Begrip tonen. Gewoon vragen hoe het gaat. Die interesse en het respect betekenen veel.”
Als toekomstig leerkracht ziet ze een duidelijke rol voor zichzelf in het overbrengen van die waarden.
“Ramadan gaat over respect, dankbaarheid en zorg voor anderen. Dat wil ik kinderen meegeven. Je hoeft niet te vasten om mee te doen, je kunt ook lief zijn voor anderen, helpen en bewust omgaan met je gedrag.”
In haar werk op een islamitische school brengt ze dat nu al in de praktijk. Maar diezelfde aanpak werkt net zo goed in iedere klas.
“Kinderen zijn nog te jong om te vasten, en dat hoeft ook helemaal niet. Maar je kunt ze wel laten meedoen op hun eigen manier. Bijvoorbeeld door ‘snoep te vasten’ of juist extra lief te zijn voor anderen.”
Voor haar zit de kern in gedrag en bewustwording.
“Lief zijn voor elkaar, niet pesten, helpen als iemand iets laat vallen of afval opruimen. Dat zijn de dingen die ik kinderen nu meegeef tijdens de ramadan.”
Volgens Sarah begint inclusie bij ruimte geven aan elkaar.
“Op school is het mooi als er ruimte is om erover te vertellen en vragen te stellen. Zo leren kinderen over elkaars achtergrond en ontstaat er meer begrip.”
“In een inclusieve klas voelt ieder kind zich gezien en gerespecteerd, ongeacht geloof of achtergrond. Juist die verschillen maken het waardevol en zorgen voor een veilige en open sfeer.”